#5 De Roadtrip deel 2: De tegenvaller

Gepubliceerd door Irene op

Als je de eerste blog over onze roadtrip leest en de bijbehorende foto’s ziet, is het haast niet voor te stellen dat er iets was dat ons tegenviel maar dat was er helaas wel. Ik wil geen kwaad woord schrijven over het sprookjesachtige IJsland maar uiteindelijk heeft datgene dat ons tegenviel, onze besluitvorming sterk beïnvloed, dus hier komt het.

Een onderdeel van onze roadtrip was om verschillende dorpen en stadjes te bezoeken om hopelijk een paar te vinden waar we onszelf wel zouden zien wonen. We hadden een fictieve plaats in gedachten in een bergachtige omgeving, met ruimte, rust en natuur maar wel enige vorm van levendigheid, bijvoorbeeld in de vorm van een gezellige dorpskern, een cafeetje of twee en toch zeker één slijterij!

Dat gebeurde niet. Aan adembenemende natuur geen gebrek maar echt leuke, pittoreske, gezellige dorpjes… Deze bleken spaarzaam.

Iedere keer als we dachten een aardige plaats te hebben gevonden bleek er wel iets ‘mis’ mee. Zo was er Eyrarbakki, een op het oog leuk dorpje, mooi gelegen aan de kust en met kleurrijke huisjes. Bij nadere inspectie ontdekten we dat het echter vrijwel volledig verlaten is omdat de natuurkrachten hier de strijd hebben gewonnen.

De haven van Eyrarbakki was ooit één van de belangrijkste havens van IJsland en maakte van de plaats hét handelscentrum van het zuiden. Maar vanwege continue windkracht 10 en woeste golven was het op z’n zachtst gezegd een flinke uitdaging voor de boten om de haven te bereiken. Toen er eenmaal een veiliger alternatief was gebouwd en de haven overbodig werd, vertrokken de inwoners al snel uit het kustplaatsje, op zoek naar een iets minder gure bestemming.

En dan was er de plaats Hveragerði, niet ver van Reykjavík en bij toeristen bekend vanwege de hotspring in de rivier ernaast. Dit stadje bleek een bijzonder risico te bevatten voor de inwoners. De hotspring vlakbij verklapt het al een beetje: Hveragerði ligt in een nogal geothermisch gebied waardoor er in het verleden al meermaals spontaan een geiser ontstond… midden in iemands huis.

Niet echt ideale woonomstandigheden dus. 


We hadden ook hoop gevestigd op Akureyri, dat wel de hoofdstad van Noord-IJsland wordt genoemd. Het is buiten de Reykjavík regio de grootste stad van het land. Nou heb je er misschien automatisch een voorstelling bij van een grote stad maar bedenk je dan dat er in heel IJsland slechts zo’n 360.000 mensen wonen. Akureyri heeft een inwoneraantal dat ongeveer gelijk is aan dat van Winschoten: ruim 18.000.

We bleken er uitstekend te kunnen borrelen bij een heel gezellig backpackers hostel. Ook troffen we de trollen Grýla en Leppalúði, de ouders van de ‘Yule Lads’, de IJslandse kerstjongens, waarmee ik natuurlijk op de foto moest! Over het bijzondere kerstverhaal van deze Yule Lads en hun kannibalenouders misschien later meer.

Tot slot kon ik mijn hart ophalen in de prachtige boekhandel die deze plaats rijk is (mét uitgebreide Dagsson collectie, IJslandse cartoonist met heerlijke zwarte humor).
Desondanks zagen we onszelf ook in Akureyri niet gelukkig worden. Het had van alles net niks. Niet de ruige natuur waar je van de ene verbazing in de andere valt en niet de levendigheid van een echte stad.


Het gebrek aan leuke potentiële woonplaatsen was, zoals gezegd, voor ons een flinke tegenvaller. Als je je volledige vertrouwde leven wil gaan achterlaten, is het prettig om te weten dat je er een fijne plek voor terugkrijgt.

Deze fijne plek leken we niet te gaan vinden in IJsland. Wat nu?

Categorieën: IJsland

0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *